Kat & Wijzer» Gedrag» katten opvoeden

Katten opvoeden

 

  1.  Basisregel voor opvoeding

Opvoeding van een kat moet gebeuren van het eerste ogenblik dat het kitten/de poes binnenkomt.

Het is immers verbazingwekkend hoe snel en haast onomkeerbaar de kat bepaalde gewoontes in huis zal aannemen.   U moet dus van tevoren bepalen wat mag en niet mag, en in de beginne elke keer consequent het gewenste gedrag belonen en het ongewenste bestraffen. De beloning moet duidelijk van u uitgaan : een aai over de kop, een knuffelpartijtje, enz...gepaard aan een vriendelijk uitgesproken woord (een kort woordje, telkens hetzelfde gebruiken), evnetueel een kattensnoepje. De straf daarentegen mag NIET zichtbaar van u uitgaan (behalve bij het bestraffen van agressie ten opzichte van uw persoon) : u moet erg vindingrijk zijn om onaangename sensaties bij de kat te veroorzaken ten tijde van het te bestraffen gedrag.

Zowel straf als beloning moet ten tijde van het gedrag of enkele seconden erna toegepast worden, anders heeft het geen zin, en begrijpt het dier niet wat hij goed of slecht heeft gedaan.

  1. Ongewenst gedrag bestraffen

a)       aan behang en meubels krabben :

Een kat moet ergens kunnen krabben : om de nagels te scherpen en om een visitekaartje achter te laten. Aan de voetzolen zitten immers geurklieren die tijdens het krabben, door ons niet te ruiken, geuren afscheiden.   Vandaar ook dat de kat, eens ze een bepaalde plaats heeft bekrabd, ze telkens opnieuw naar die plaats gaat om te krabben, omwille van de geur die op die plaats hangt. U moet ze dus enkele plaatsen geven waarop ze mag krabben : een paar binnenstebuiten opgerolde matjes voldoen uitstekend, her en der in het huis verspreid.   U wrijft eens krachtig met de zooltjes van de poes op de matjes om de geurmerken achter te laten.

Tijdens de eerste dagen na binnenkomst van poes, moet u poes goed in de gaten houden en meteen optreden wanneer poes aanstalten maakt om ergens te gaan krabben waar ze niet mag. Bestraffen gebeurt door bijvoorbeeld poes nat te sproeien met de plantenspuit.  Een andere manier is hels lawaai produceren (een blikje gevuld met knikkers naar haar toe rollen, een ballon laten springen,...), of met een zacht voorwerp naar de kat gooien (het moet de kat wel raken). U doet dit terwijl u zogezegd druk bent met iets anders.  U kijkt poes zeker niet aan of staat verdekt opgesteld zodat poes u niet verdenkt.

Indien poes toch gekrabd heeft aan iets tijdens uw afwezigheid moet u die zaken “beschermen” door strafmaatregelen. Behangpapier, stoelpoten, meubels worden behangen met schuurpapier : wanneer poes hieraan krabt, geeft dit een zeer onaangenaam gevoel aan de voetzooltjes zodat ze met krabben stopt. Een blik gevuld met knikkers in wankel evenwicht wordt op de armleuning gezet, met een touw eraan vast, dat naar beneden hangt op de plaats waar de poes krabt.  Tijdens het krabben zal poes zeker in het touw vasthangen, zodat het blik valt en de knikkers haar om de oren vliegen. De ballonnentruuk geeft ook goede resultaten : flink opgeblazen ballonnen worden bevestigd aan de geteisterde plaats.  Tijdens het krabben raakt poes één van de ballonnen die plots kapot springt en voor een goede schrikreactie bij de kat zorgt. Deze maatregelen moeten wel een tweetal weken consequent volgehouden worden, om de kat te conditioneren dat krabben op de plaats onaangename gevolgen heeft.

b)      Poes krabt aarde uit de plantenbakken

Sommige poezen hebben de nare gewoonte de aarde uit plantenbakken te krabben, en veel erger, er een plasje achter te laten. De oplossing is simpel, men legt grofmazig gaaswerk in de bak en bedekt het met een laagje aarde (ongeveer 1 cm).  Wanneer de poes gaat krabben in de plantenbak worden de klauwtjes gevangen in het gaas, wat een zeer onaangename sensatie is : poes stopt ermee. Het gaas weerom minstens 3 à 4 weken laten liggen. Een andere truuk: de plantenbak volstoppen met aperitiefstokjes: vertikaal met de puntjes 1 a 2 cm boven de aarde.


c)      Poes springt in kasten vol delicate spulletjes

Poes is meestal erg voorzichtig en zal niet makkelijk spullen omstoten tijdens onderzoektochtjes.  Immers iets dat valt, maakt een plots lawaai, iets waar de kat niet dol op is. Maar ongelukjes kunnen gebeuren en het zijn meestal de spulletjes waar het baasje het meest aan gehecht is, die kapot vallen. Oplossing : ruim de kast leeg of laat alleen niet breekbare spullen staan, leg dan flink opgeblazen ballonnen in de kast.  Wanneer poes op de kast springt, zal ze met de nagels de ballonnen raken, die zullen ontploffen met veel lawaai.  De kat schrikt hiervan (een onaangename sensatie) en zal de kast links laten liggen. Deze maatregelen minstens twee weken volhouden.