Medisch» Aandoeningen bij Katten» Vergiftiging bij katten

Vergiftiging bij katten

N.B. De teksten van onze hand-outs worden vervaardigd aan de hand van niet alleen wetenschappelijk literatuur, maar van onze eigen inzichten op basis van persoonlijke ervaringen. Daarom kan de informatie voor een deel afwijken van de gangbare literatuur.

INLEIDING

Er bestaat een ruime variatie aan giftige stoffen die, als ze door uw huisdier worden opgenomen, tot problemen kunnen leiden. Soms wordt gezien dat het dier iets giftigs opeet, maar meestal is daarover niets bekend. Vooral honden hebben de neiging om alles, wat in hun ogen ook maar enigszins eetbaar is, ook daadwerkelijk op te eten. Het dier wordt plotseling ziek; meestal zien we braken, diarree of neurologische (hersen en/of zenuw) afwijkingen. In onderstaande tekst gaan we in op een aantal van de meest voorkomende stoffen die tot een vergiftiging bij dieren kunnen leiden. Wat u moet doen als u uw huisdier van een vergiftiging verdenkt staat beschreven in de bibliotheek onder het kopje spoedgeval.

PARACETAMOL EN ASPIRINE (ACETYLSALICYLZUUR)

Het is zeer onverstandig om met een zieke kat thuis te gaan dokteren en het dier Aspirine of Paracetamol te geven. Katten kunnen Paracetamol niet en Aspirine slechts heel langzaam afbreken zodat er al snel sprake kan zijn van een overdosis en dus een vergiftiging. De verschijnselen van een Aspirine vergiftiging zijn voornamelijk braken (eventueel met bloed) en algeheel ziek en sloom zijn. Paracetamol geeft aanleiding tot een verandering in de rode bloedcellen, waardoor ze te weinig zuurstof kunnen vervoeren. Het dier krijgt dan een zuurstof tekort met alle gevolgen van dien. Verder kan uw kat ook gaan speekselen en kan er zwelling van de kop en de voeten optreden. Voor een Aspirine vergiftiging bestaat er geen specifiek tegengif (=antidoot). Wel kan er een behandeling worden ingesteld om beschadiging van het maagslijmvlies te voorkomen. Voor een vergiftiging met Paracetamol bestaat wel een behandeling (antidoot is Acetylcysteïne, zuurstof toedienen), maar vaak komt een behandeling te laat. Ook aan honden kan beter geen Aspirine of Paracetamol gegeven worden, omdat ook zij last kunnen krijgen van bovenstaande vergiftigingsverschijnselen, zij het wat minder snel dan katten. Het is overigens per definitie fout om medicijnen die u als mens gebruikt op eigen initiatief aan een hond of kat te geven. De dosering (mg/kg) is vaak al sterk afwijkend en niet ieder humaan geneesmiddel is ook geschikt voor honden en/of katten, zoals u kunt opmaken uit het Paracetamol voorbeeld. Voor mensen op iedere hoek van de straat te koop, voor katten dodelijk!

RATTENGIF (ALPHANAPHTHYLTHIOUREUM)

Als uw dier rattengif, wat bijvoorbeeld in de garage lag of in de tuin gestrooid is, heeft opgegeten, zien we meestal de volgende symptomen: braken, speekselen, hoesten en benauwdheid. Er bestaat geen specifiek antidoot. Er kan geprobeerd worden het dier te behandelen met een middel dat vochtafdrijvend werkt, waardoor het uittreden van vocht in de longen, en daardoor de benauwdheid, zoveel mogelijk wordt verminderd. Helaas is de behandeling slechts zelden succesvol.

ARSENICUM BEVATTENDE STOFFEN

Als uw dier een middel heeft opgenomen dat arsenicum bevat zien we een ernstige, soms bloederige, diarree en een algemeen ziek dier. De behandeling bestaat, indien acuut, uit het toedienen van eiwit via de bek. Daarna kan er via een injectie een antidoot (Dimercaprol = BAL) tegen zware metalen gegeven worden. Arsenicum wordt overigens tegenwoordig steeds minder gebruikt waardoor het aantal vergiftigingen sterk is afgenomen

BOTULISME

Botulisme wordt veroorzaakt door toxinen, die in kadavers gevormd zijn door Clostridium botulinum. Hoewel honden er niet uitgesproken gevoelig voor zijn, zien we de infectie toch af en toe in warme zomers. Meestal hebben de betrokken honden van dode vogels gegeten of gezwommen in water waar kadavers van dode vogels in liggen. Bij katten is botulisme niet bekend, misschien omdat katten geen aaseters zijn. De verschijnselen zijn verlamming en verminderde reflexen. Er is geen specifiek antidoot, de behandeling kan alleen ondersteunend zijn en de kans op genezing is matig.

CHOCOLADE

In chocolade zit theobromine, een stof waar vooral (jonge) honden niet tegen kunnen. Als een dier (teveel) chocolade heeft gegeten kan hij last krijgen van hyperactiviteit, maagdarmklachten, krampen en toevallen. Een enkele keer kan door een hartritmestoornis plotseling de dood intreden. De toxische dosis, waarbij het dier in levensgevaar kan komen is sterk verschillend voor pure chocolade en voor melkchocolade. Zo moet een hond van bijvoorbeeld 10 kg 670 gram melkchocolade eten om gevaarlijke vergiftigingsverschijnselen te krijgen, terwijl van pure chocolade het opeten van 63 gram al gevaar kan opleveren. Er bestaat geen specifiek antidoot en de behandeling kan alleen ondersteunend zijn.

RATTEN- EN MUIZENGIF (CUMARINEDERIVATEN)

De verschijnselen zijn braken en stollingsstoornissen die kunnen resulteren in onderhuidse bloedingen of bloedingen in het slijmvlies of uitgebreide inwendige bloedingen. De verschijnselen die daaruit voortkomen verschillen afhankelijk van de lokalisatie van de bloeding. Als de inwendige bloeding bijvoorbeeld in de borstholte optreedt dan leidt dit tot benauwdheid. De behandeling bestaat uit het geven van vitamine K1, via een injectie in een bloedvat. Vitamine K1 werkt maar kort, circa 1 uur. Meestal is een zeer intensieve behandeling noodzakelijk en kan het dier het beste verzorgd worden op een intensive care. Tijdens de behandeling moet regelmatig de mate van stolling van het bloed worden bepaald en aan de hand daarvan moet de dosering van de vitamine K1 worden bijgesteld tot volledige genezing bereikt is.

ANTIVRIES (ETHYLEENGLYCOL)

Omdat heden ten dage auto's gesloten koelsystemen hebben zou een antivriesvergiftiging eigenlijk tot het verleden moeten behoren. Omdat er echter toch nog hier en daar oude bewaarde restjes koelvloeistof opduiken en auto’s (of andere voertuigen) ook nog wel eens koelvloeistof kunnen lekken (bijvoorbeeld als de radiateur kapot is) willen we het onderwerp niet onbelicht laten. Omdat de koelvloeistof een zoete geur en smaak heeft kunnen vooral honden de verleiding het op te likken niet weerstaan. Maar ook een kat die erdoor heen loopt en daarna de poten schoonlikt kan antivries binnen krijgen. De verschijnselen zijn braken, diarree, veel drinken en veel plassen. Door de ethyleenglycol raken met name de nieren ernstig beschadigd. Later kunnen er neurologische verschijnselen optreden in de vorm van toevallen. De behandeling bestaat uit het, zo snel mogelijk, geven van een infuus waarin alcohol is opgelost. Eventueel kan uw dierenarts u aan de telefoon vragen om uw dier thuis alvast alcohol (jenever of wodka, een borrelglaasje per 10 kg lichaamsgewicht) in de bek in te geven, waarna u met spoed naar de kliniek vertrekt.

HASJ (CANNABIS)

Nu zal niet iedereen Hasj in huis hebben, maar een hond kan het bijvoorbeeld ook van de straat opeten. De verschijnselen zijn zeer uiteenlopend, variërend van sloomheid tot een zeer drukke en angstig reagerende hond (excitatie). Soms gaat het dier speekselen. Er is geen specifiek antidoot. Hoewel een homeopathische behandeling mogelijk uitkomst zou kunnen bieden (Cannabis indicus in een homeopathische verdunning). Het speekselen en de excitatie kan eventueel door de dierenarts bestreden worden en verder is uitslapen de beste behandeling.

SLAKKENGIF (METALDEHYDE)

De verschijnselen zijn neurologisch van aard: dronkemansgang, spiertrillingen, snelle bewegingen van de pupil in het oog, krampen en toevallen. Er is geen specifiek antidoot en de behandeling kan alleen maar ondersteunend zijn (anti-epileptica). Meestal is het nodig het dier op een intensive care op te nemen, maar dan nog is de kans op genezing niet al te groot.

ONKRUIDBESTRIJDINGSMIDDELEN

Er is een zeer groot aantal middelen in gebruik, waarvan sommige uiterst toxisch zijn. Het is altijd belangrijk om de verpakking mee naar de kliniek te nemen omdat hier vaak behandelings- mogelijkheden op vermeld staan.

INSECTENBESTRIJDINGSMIDDELEN (ORGANOFOSFATEN)

Organofosfaten zitten o.a. in de wat ouderwetsere vlooienbestrijdingsmiddelen, maar ook in bestrijdingsmiddelen tegen insecten in de tuin of landbouw. Vergiftiging door een vlooienbestrijdingsmiddel komt het vaakst voor bij de kat omdat deze door hun likgedrag gemakkelijk wat van het aangebrachte vlooienmiddel kunnen opnemen. De verschijnselen zijn: speekselen, grote pupillen, braken, diarree, benauwdheid en toevallen. Opvallend is dat ondanks het optreden van krampen de hartslag erg laag is. Er kan in de dierenkliniek een specifiek middel worden toegediend dat de werking van de organofosfaten tegengaat (een injectie met atropine). Ook kunnen de toevallen bestreden worden. Probeer opname van het vlooienmiddel te voorkomen door het pipetje hoog in de nek aan te brengen en houd uw kat daarna nog even in de gaten om overmatig wasgedrag te voorkomen.

GIFTIGE PLANTEN

Er bestaan heel veel giftige planten. We kunnen ze onmogelijk allemaal noemen. Bij het opeten ervan zullen meestal klachten ontstaan als speekselen, braken en/of diarree, maar ook neurologische verschijnselen kunnen worden gezien. De meest voorkomende (in huis en tuin) en bekende giftige planten zijn: Vingerhoedskruid (Digitalis), Monnikskap (Aconitum), Klimop (Hedera), Leliesoorten (Lilium), Taxus, Doornappel (Datura), Lupine, Gouden regen (Laburnum), Kerstroos (Helleborus) en de in de december maand zeer populaire Kerstster.

TOT SLOT

Deze opsomming van vergiftigingen is verre van volledig omdat er onnoemelijk veel giftige stoffen bestaan. Het is daarom zelfs voor een dierenarts onmogelijk om elke vergiftiging te herkennen en de passende therapie paraat te hebben. Er bestaat daarom het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum te Bilthoven, waar dierenartsen dag en nacht terecht kunnen voor het opvragen van informatie. Voor u als eigenaar is het van belang om, als u uw dier van een vergiftiging verdenkt en u heeft de verpakking van het gif, deze altijd mee te nemen naar de kliniek, zodat er zo gericht mogelijk gehandeld kan worden. Verder blijft voorkomen natuurlijk beter dan genezen. Probeer te voorkomen dat uw dier dingen van straat eet en pas heel goed op bij het bewaren en strooien van gif; gebruik gif alléén als het echt noodzakelijk is, en zorg dat uw dier daar nóóit bij in de buurt kan komen. Geef op eigen houtje geen geneesmiddelen, die eigenlijk niet voor dieren bedoeld zijn en wees kritisch bij de keuze van uw vlooienbestrijdingsmiddelen.

 
Speciaal kattenVoer
Te koop bij Jica.nl


Klik op de afbeelding
 

Katten Encyclopedie
Te koop bij Jica.nl


Klik op de afbeelding
 

Medisch Abc Voor De Kat
Te koop bij Jica.nl


Klik op de afbeelding

Dit is een bijdrage van WHG DIERENARTSEN BV te Dodewaard - © 2006